In de Verenigde Staten dreigt zich een financiële ramp van ongekende omvang te voltrekken. Dat land heeft zich zo buitensporig in de schulden gestoken dat er geen structurele oplossing meer in zicht is. En als de ramp zich niet morgen voltrekt, dan zal hij zich toch in ieder geval in de nabije toekomst voltrekken. Het verdwijnen van de Verenigde Staten van het toneel van de financieel allergrootsten zal met veel ellende en een ongekend grote armoedeval gepaard gaan. De hele wereld heeft gegokt op de economische kracht van Amerika. De dollar werd de wereldmunt.
Morgen houdt de Verenigde Staten mogelijk op te betalen. In normale mensentaal betekent dat dat de Verenigde Staten in surseance van betaling zullen komen te verkeren en dat zij binnen enkele weken failliet zullen worden verklaard. Of zoiets. Dan hebben we te maken met het economisch omvallen van de machtigste staat ter wereld. De dollar is niets meer waard. En alles wat gewaardeerd wordt in termen van dollars is ook helemaal niets meer waard. Duizenden miljarden dollars zullen verdampen als regenwater voor de zon.
De Verenigde Staten worden bestuurd door politici die de slippendragers zijn van de economische elite en/of fundamentele christenen. Gevolg is een bestuur waarbij hebzucht en regelrechte waanzin de toon zetten. De hebzucht zorgt ervoor dat er meer wordt uitgegeven dan men heeft en dat er met grote tegenzin zo min mogelijk belasting wordt betaald. Het kopen op krediet, het aangaan van riskante leningen is een heel normaal verschijnsel in Amerika. Door krankzinnige militaire avonturen loopt de staatsschuld bijna exponentieel op. En dan hebben we het nog niet eens over de vele duizenden miljarden aan belastinggeld die de overheid moest geven aan de systeembanken om ze van de ondergang te redden. Sparen en belasting betalen zijn in de Verenigde Staten vieze en onfatsoenlijke woorden.
Morgen kan het zover zijn. Amerika failliet en daarmede de hele wereld failliet.
Die extreem rechtse volidioten van de Republikeinse Partij vormen slechts de katalysator die nodig is om Amerika in de peilloze afgrond van de economische rampspoed te storten. Ik kan niet wachten. Kunnen we op de puinhopen tenminste iets beters bouwen dan de ellendige bouwval die er eerst stond.
Categorie archief: Uncategorized
Amerika gaat morgen financieel helemaal naar de bliksem. En als het morgen niet is, dan toch in ieder geval zeer binnenkort.
Opgeslagen onder Uncategorized
Rusland is niet onze vriend. Rusland is niemands vriend.
De Russische bevolking heeft eigenlijk nooit een echte democratie gekend. Of het was een autocratische Tsaar of het was een eigenaardig soort communisime met een duidelijk kapitalistisch randje. Maar het Russische volk was altijd het kind van de rekening. Daardoor hebben ze nooit de gelegenheid gehad om zich de werkelijke democratische normen en waarden eigen te maken, zoals bijvoorbeeld het respecteren van de normen en waarden van minderheden. In Rusland geldt nog steeds het recht van de sterkste. Het land lijkt daardoor erg vatbaar voor allerlei dictatoriale regimes. Nu is het dan Poetin, de oud-KGB’er met zijn apparatsjiks en pluimstrijkers.Maar in de toekomst zou het zo maar een fascistisch bewind kunnen zijn met een volidioot als Zjirinovski aan het hoofd. Ik denk dat Nederland, maar vooral Europa krachtig moet reageren.
En zoals iedereen weet zijn geld, macht en het pathologisch streven naar steeds hoger sociaal aanzien, ook wel met een verkeerd woord als “respect” aangeduid, een voortkankerende kwaal waar de hele wereld aan lijdt. Helaas zijn wij hierdoor niet in staat om op een waardige en ethische wijze te reageren op het onrecht in de wereld en zullen wij altijd proberen om ons perverse voordeel te bewerkstelligen en te consolideren. Zo ook nu weer. Er zal nog wel heel veel water naar de zee moeten stromen voordat wij in staat zullen zijn om werkelijk rechtvaardig te denken en te handelen, zo dit al ooit het geval zou kunnen zijn. En zoals altijd gaat het weer om meningsverschillen bij de invulling en het definiëren van goed en kwaad. Het eeuwige menselijke tekort.
Opgeslagen onder Uncategorized
Een verhaal over vluchten, dwalen en vinden.
Het leven. Bij vlagen mooi en ontroerend maar door de bank genomen toch best eentonig en saai. Mijn gemoedstoestand wisselt met de seizoenen en kan zich niet ontworstelen aan het dictaat dezer externe factoren. Ik blijf de sombere speelbal van anderen en mijn verzet wordt veelal in de kiem gesmoord door verstandige opmerkingen en gruwelijke voorbeelden. Zo ben ik wel gedwongen om een comfortabel plekje te zoeken tussen het amalgaam van opvattingen, meningen en opinies van pratende hoofden. Het meeste laat ik gelaten over me heen komen, maar soms raak ik geprikkeld en haal ik ferm uit naar de stugge en onverzettelijke bewakers van mijn gevangenis. En als de grauwsluier van alledag heel even open breekt en in een fractie van een seconde de mogelijkheden aan mij worden onthuld die dan uitnodigend en maagdelijk voor mij liggen, klinkt gelijktijdig van verre de bazuin van overmoed die mij indringend opwekt tot het onmiddellijk nemen van drastische maatregelen. Ik neem me voor om het anders te gaan doen. Vluchten is één optie. Van binnenuit naar het licht toe werken is een andere. Ik besluit te doen of mijn neus bloedt en toch te handelen. Een effectieve manier om uit de wind te blijven en tegelijk de bakens te verzetten. Ik scheep me in voor een avontuurlijke reis langs landen van weemoed en verlangen. De eerste haven is de seksuele liefde. Al vanuit de verte zie ik dat alle gebouwen langs de haven in brand staan. Op de kade liggen de lijken van egoïsme en eigenbelang. En de lucht trilt van wreedheid en angst. Wend de steven, roep ik. Maar ik kan niet voorkomen dat een vlucht van bange voorgevoelens zich in mijn onderbuik nestelt. Met trillende handen gooi ik het roer om en wend het steven. De vogels der rampspoed rusten in het want. De horizon achter ons brandt. Voor ons ligt het onbekende land der dromen. Het land van verwachtingen, hoop en harmonie.
Mijn tocht verloopt zonder al te veel commotie. Ten derde dage wordt ik een flauwe streep boven de voor mij liggende horizon gewaar. Lichtgroen. Naderbij gekomen zie ik een uitgestrekt woud. Daar boven tekenen zich vaag hoge met sneeuw bedekte bergen af tegen een dreigende lucht van grijs. Vermoeid sluit ik even de ogen. Als ik even later mijn ogen weer open zie ik dat we dichter bij de kust zijn gekomen. Op het brede strand wervelen nimfen en faunen in een bedwelmende dans rond een hoog oplaaiend vuur van passie en lust. Ik neem deel aan de dans en voel mij steeds lichter worden. De lucht lijkt te trillen. De omtrekken van de mythische wezens vervagen en maken plaats voor de donkere silhouetten van de bloeddorstige en moordlustige hellehonden uit mijn nachtmerries. Ik vlucht naar de veilige krochten van mijn obscure vaartuig. Ik nagel mij vast aan de grote mast en laat de orgie der verlorenen over mij heen komen. Het schip steunt en kraakt. De drek der krijsende wanhoop besmeurt het schoon gepoetste dek. Slechts met de moed der wanhoop kan ik mij ontworstelen een de verlokkingen der vleselijke lusten. Ik bemerk een algehele verzwakking van mijn weerstandsvermogen. En net als ik op het punt sta mij over te geven aan die gruwelijke en hedonistische braspartij, lost het helse panopticum op en bevind ik mij weer op volle zee. Ik moet nu alle hoop laten varen. Mijn verwachtingen zijn door het helse spel der infernale krachten volledig om zeep gebracht. Ik zocht harmonie en vond slechts chaos.
Stuurloos dobbert mijn schip op de uitgestrekte oceaan van mogelijkheden en werkelijkheid. Na een tijdloze periode ontwaar ik een klein eiland. Eigenlijk een eiland van niks. Een eiland met een paar kale rotsen, wat schril schreeuwende zeevogels en een verweerd huisje weggedoken in de veilige berging van een duinpan. Er voor zit een vrouwmens. Niet perfect maar wel mooi. Zij wenkt mij om met haar te komen leven. Om haar eenzaamheid te beëindigen. Ik rol mij op in haar veilige schoot en huil bittere tranen van schuld en van berouw. De werkelijkheid stolt in een leven van eenvoud en ascese. De eeuwigheid neemt een aanvang en omarmt mij als een verloren gewaande zoon. Het zoeken is beloont.
Opgeslagen onder Uncategorized
Levensstress.
Kijk, de zaak is, denk ik, zo gelegen dat mensen kennelijk graag bij elkaar kruipen omdat ze menen dat ze daardoor mentaal en fysiek beter in staat zijn strategieën te ontwikkelen die hen in staat moeten stellen hun existentiële angst voor de dood te neutraliseren. Aldus ontstaan monsterlijk grote stadsgebieden (metropolen) die aan de begrippen eenzaamheid, misdaad, armoede en decadentie een totaal andere dimensie geven. Met zijn allen op een kluitje leven, steeds banger worden en steeds vaker op basis van die angst denken en handelen.
Zulke immense stadsgebieden zijn volgens mij niet de juiste oplossing om de ondraaglijke lichtheid van het bestaan tegen te gaan. Ik denk dat een mens betrokkenheid, erkenning en bevestiging van zijn unieke persoonlijkheid nodig heeft. Een soort gegeneraliseerde genegenheid eigenlijk. Een individu bevestigende omgeving. Of zoiets. Het is daarom van wezenlijk belang dat je de mensen die deel uit maken van jouw dagelijkse leefwereld ook echt kent. Onderzoek heeft ooit uitgewezen dat een mens in staat moet worden geacht om de globale levensgeschiedenissen van maximaal tweehonderd mensen redelijk goed te kennen. Hij kan die maximaal tweehonderd mensen een duidelijke plaats geven in zijn leefwereld, in zijn dagelijkse leven. Worden het er meer dan tweehonderd, dan begint het risico van de anonimiteit. Mensen worden dan niet langer herkend en gekend. Mensen die vervolgens op grond van die totale vervreemding, van die kille onbekendheid bijna automatisch een bedreiging gaan betekenen. Die miljoenen op elkaar gepakte mensen worden dan voorwerpen. Voorwerpen waar je soms plezier van kunt hebben, maar die nog veel vaker als een last en een gevaar worden gezien. In zo’n dichtbevolkte situatie wordt jouw uiterst persoonlijke territorium (dat is de kleine, per individu varierende, uiterst persoonlijke eigen ruimte die jouw fysieke persoon steeds omringt) per definitie dagelijks geschonden door onbekenden waardoor alle alarmbellen van je reptielenbrein gaan rinkelen. De oeroude reflex is vluchten of vechten. Beide zijn niet mogelijk. Een oplossing wordt gevonden in algemeen aanvaarde regels en tradities inzake omgang met onbekenden in de publieke ruimte. Maar de oeroude reflex blijft. Er ontstaat een spanningsveld dat stress genereert. Pure levensstress. Stress die je nooit zult kunnen compenseren anders dan door een lichamelijke of psychische vertaling. Door de stress ontwikkel je psychische of somatische aandoeningen die op hun beurt ook weer stress genereren. En zie, de cirkel is gesloten.
Er moet iets gebeuren. We moeten weg van een levenswijze die oorlogen, revoluties, enge ziekten en suïcidaal gedrag veroorzaakt. Het moet weer rustig worden op de wereld. Het moet weer rustig worden in onze kop.
Dus kleinschaligheid in combinatie met mondiale sociale netwerken. Het oude vertrouwde combineren met het fonkelnieuwe! Kleine zelfvoorzienende gemeenschappen van maximaal twee honderd mensen die door middel van internet of iets wat daar op gaat lijken, met de rest van de wereld in verbinding staan. Geen steden meer. Geen anonimiteit meer.
Belangrijkste voorwaarde is dat de mens tot het inzicht geraakt dat dit de enige juiste oplossing is van vele problemen. En daar wringt hem nou net de schoen. De mens lijkt niet “gemaakt” om in kleine zelfvoorzienende gemeenschappen te leven. De uitkomst van de evolutie van de homo sapiens tot nu toe is een wankel evenwicht met zijn natuurlijke omgeving, dat zich de laatste vijfduizend jaar van zijn bestaan in toenemende mate manifesteert in steeds grotere en complexere woon- en werkgemeenschappen. De gemiddelde mens wordt bezocht en geteisterd door de “donkere” kant (de existentiële angst voor de dood) van zijn persoonlijkheid. Deze donkere kant heeft kennelijk anonimiteit nodig. Deze donkere kant kan niet zonder de verlokkingen van de massale consumptiemaatschappij. De gemiddelde mens zit nou eenmaal evolutionair, via zijn reptielenbrein, stevig vastgenageld aan zijn niet te stuiten drift om zijn existentiële angst voor de dood te neutraliseren . Een kleinschalige gemeenschap, een sobere levenswijze, veel aandacht voor de ontwikkeling van de geest, het ontplooien van creativiteit, het zijn allemaal zaken die in het huidige tijdsgewricht uitermate vreemd aandoen. Ze sporen niet echt met de hoofdlijnen van onze genetische blauwdruk die zich onontkoombaar in het verloop van de tijd materialiseren.
Blijft ook nog de uiterst belangrijke vraag wat in deze goed en slecht is. Wat is een goede samenleving? Wat is een slechte samenleving? De sussende invloed van het globale postmoderne cultuurrelativisme op de moderne mens dient niet onderschat te worden. Als je iets wilt dan is het altijd wel zo’n beetje okay. Verboden is alleen wat de wet verbiedt. Er is in feite geen absolute ethiek. Geen duidelijkheid omtrent goed en kwaad. Alleen een puur persoonlijke invulling. Er zijn wel mensen die een ethiek verzinnen door een religie te bedenken met alle toeters en bellen die erbij horen. Religies sluiten, net als kapitalisme, bijna naadloos aan bij de donkere kant van de mens. Bij zijn genetisch bepaalde drang tot macht, bezit, geweld. Maar we weten allen waar deze irrationele, door ons zelf bedachte religies toe kunnen leiden!!
Het zou dus een goede zaak zijn om een ethiek te ontdekken die voortvloeit uit de resultaten van wetenschappelijk onderzoek. Een ethiek die als het ware ontspruit aan de ijzersterke causaliteit van de evolutie. Een ethiek die naar boven moet worden gehaald door de wetenschap. U begrijpt het al. Al zou het mogelijk zijn om dit kunststukje te volvoeren dan nog is het niet mogelijk om de resultaten van een dergelijk wetenschappelijke onderzoek op de gemiddelde mens over te brengen. De gemiddelde mens is eigenlijk tot niet veel anders in staat dan het willoos gevolg geven aan de dwingende lokroep van zijn genetisch ingebouwde drift tot overcompensatie van zijn existentiële angst voor de dood en die zich materialiseert in een destructieve consumptieverslaving en een schier ongebreidelde seksualisering . Een perverse dynamiek die cultureel ook nog eens wordt doorgegeven via de opvoeding/opleiding en de invloed van de directe leefomgeving.
En helaas zijn er nog steeds veel te weinig mensen die op basis van hun ratio die lokroep kunnen en willen weerstaan door te streven naar een evenwichtiger, meer duurzame en bovenal vreedzamere samenleving.
Ik hoop dat de wereld het gaat redden zonder al te veel “lijden”, maar volgens mij ziet het er, gegeven de huidige menselijke hoedanigheid, behoorlijk somber uit.
Opgeslagen onder Uncategorized
Ring van wit vuur.
“Het valt nog maar te bezien of gezond eten beter is dan veel bewegen”, voegt de winkelbediende mij toe terwijl hij verveeld op zijn meegebrachte boterham kauwt. Ik frons mijn wenkbrauwen. Zoiets pedants heb ik nog nooit gehoord. “O ja”, zeg ik, “en waar haalt meneer al die wijsheid dan wel vandaan? Iedereen weet toch dat het beter is om veel te bewegen”. “Gezond eten kan altijd nog”, antwoord de winkelbediende.
Dan gaat het licht uit. Het is meteen pikkedonker. Ergens begint iets te zoemen. In de lucht hangt een klein fel wit licht dat snel groter wordt. Het verandert geleidelijk in een ring van vuur. Een verblindend vuur.
“Kijk, zeg ik, dat noemen mijn Vader en ik een wormgat. Je kunt er zo maar door heen gaan om in een ander universum terecht te komen. Lijkt je dat wat?” ” Ja, leuk”, zegt de winkelbediende, “alles beter dan die vervloekte saaie winkel”. “Okay, we gaan”, roep ik, “hou mijn hand vast”. En vervolgens springen we als gedresseerde circusdieren door de trillende ring van wit vuur.
We landen zacht op een tapijt van purperen bloemen. Aan de einder gaat een reusachtige rode zon onder. Pal boven ons hangt een grote lichtblauwe planeet met verschillende ringen. Niet ver van ons vandaan ligt een enorme stenen bal met een gat. Vanuit dat gat loopt een soort loopplank naar de grond. “We gaan aan boord”, roep ik. De winkelbediende volgt mij. In de stenen bal merken we dat we in een holle wereld terecht zijn gekomen. Op ongeveer honderd kilometer afstand zien we als op een landkaart het tegenover ons liggende land. Duidelijk zien we de rivieren, de steden en de bossen. Alles buigt zich als het ware naar ons toe. Er is geen horizon. We staan in een gigantische buis. “Dit is een ruimteschip”, zeg ik. “We gaan zo vertrekken. We reizen naar God om te vragen of hij het goed vindt dat jij mijn partner wordt”.
“Is dit ruimte schip van jou?”,vraagt de winkelbediende. “Ja”, antwoord ik, “al 8 miljard jaar”. “Zo, dat is lang”, piept de winkelbediende benauwd. Even lijkt alles te vervagen. Contouren worden een paar seconden minder scherp maar dan herstelt de werkelijkheid zich vrijwel meteen weer.
“We zijn er al. Naar buiten”, roep ik. We lopen de loopplank af. Op een reusachtige troon van wel dertig kilometer hoog zit een reus met lemen voeten. “Ik ben God”, brult hij,” wie durft mij hier te storen?” “Ik ben het maar”, roep ik, “uw zoon. Ik heb mijn vriendje meegebracht”.
Plotseling, zonder enige merkbare overgang, hangen we op grote hoogte in de lucht, pal voor de reusachtige ogen van God. “Zie ik het goed?”, zegt God, “is dat niet die vervelende winkelbediende? Lekker vriendje! Weet je wel wat hij heeft uitgevreten?” “Nee”, antwoord ik volkomen ongeïnteresseerd. “Hij heeft bij leven en welzijn wel meer dan tweehonderd “flatscreens” verkocht. Nou, vraag ik je. Die vensters op de hel, die duivelse breinspoelers, waar wij met zijn tweeën al jaren tegen vechten. Lekker vriendje!!”
“Kom”, zeg ik tegen de winkelbediende, “hier worden we ook niet vrolijker van”.
Dan weer die totale duisternis, het trillen van de lucht en voor de ogen van God worden we weggerukt en belanden in een gebouw dat zo groot is dat er onder het veelkleurige glazen dak wolkenvorming plaats vindt. Enorme door kolossale pilaren geschraagde muren verliezen zich in wazige verten. De vloer is gepolijst. Zo glad als stilstaand water. “Dit gebouw is duizend bij duizend kilometer groot. Het werd gebouwd door de “Ouden” en heeft geen betekenis noch een bedoeling. Het is er. Meer niet. Wij wonen er. Dat is alles”, zeg ik.
De winkelbediende kijkt verveeld om zich heen. “Wat betekent dit voor mij?” vraagt hij. “Jij bent gedoemd om hier de eeuwigheid door te brengen”, antwoord ik, “Je bent hier altijd geweest en zult hier ook altijd blijven. Je hoeft niet te drinken of te eten. Je bent onstoffelijk geworden, maar het voelt nog steeds als je oude lichaam. Dat geeft niets. Je bent er aan gewend. Je bent dood gegaan, maar je leeft nog steeds. Ik kan het ook niet veranderen. Het is de wil van God”
Dan barst een onweer los. Bliksemflitsen doorklieven de ruimte. Het water valt, maar we worden niet nat. In de lucht staat geschreven dat de eersten de laatsten zullen zijn. Buiten woedt de duivel. De strijd is begonnen. In de verte horen we God brullen.
Opgeslagen onder Uncategorized
Ik vind Nu-jij leuk.
Het zal u niet verbazen, maar ik ben ook actief op Nu-jij, een nogal volks forum, waarop gereageerd kan worden op het nieuws van alledag. (Overigens, vindt u het wel goed dat ik de term “volks”gebruik? Sommige mensen, zo heb ik gemerkt, vinden op grond van hun eigen afkomst, dat iemand die het woord “volks” gebruikt zich bijzonder elitair opstelt. Het ligt dus nogal gevoelig, maar ik weet zo gauw geen passender benaming). Ik ben op dat forum zo nu en dan te lezen onder het pseudoniem “kleine stinkerd”.
De reacties op Nu-jij liegen er niet om. De moderator aldaar heeft zijn handen vol om alle onwelvoegelijke reacties van het forum te verwijderen. Ik blaas mijn toontje mee, maar dan wel in die zin dat ik meestal ook een beetje modererend en opvoedend bezig ben. Dat klinkt aanmatigend en dat is het ook. Maar ik kan het niet laten. Ik probeer daarbij natuurlijk wel fatsoenlijk te blijven. Kenmerkend, ook van Nu-jij, is dat iedere actor aldaar een volstrekt eigen opvatting heeft van het begrip “fatsoen”. Het meedoen op Nu-jij vind ik erg leuk en leerzaam. Hieronder mijn vier laatste reacties n.a.v. onderwerpen op Nu-jij:
“1. Verkeershinder door kettingbotsing op A44.
Mijn reactie:
Niet te hard rijden. Niet te dicht op elkaar. Altijd geconcentreerd zijn, zonder stress. En elkaar wat gunnen. Zelfbeheersing. Geduld. Moet ik nog meer zeggen. En al dat doelloze geschreeuw hier op dit forum heeft totaal geen nut als je niet van plan bent om naar je eigen rijgedrag te kijken. Mensen, wordt nou eindelijk eens een keer wakker!!
2. Obama wil dat Amerikanen in actie komen tegen wapens.
Mijn reactie:
Dat heb ik die krankzinnige, “new born christian” George Bush nooit horen zeggen. Het is mij trouwens een raadsel hoe je het geloof met het gebruik van vuurwapens ethisch in overeenstemming kunt brengen. Maar dat is uiteraard een zuiver persoonlijke visie. Ik weet dat er gelovigen zijn die het prettig vinden om andersoortige gelovigen te doden met behulp van vuurwapens. Hoe gek kun je zijn?
3. Nederlander opgepakt wegens terreuraanval Nairobi.
Mijn reactie
Ook onder Nederlanders zijn ze te vinden, die godsdienstwaanzinnige bloedorstige en koelbloedige moordenaars van vrouwen kinderen. Ik moet er van kotsen. Wat is toch de reden dat mensen, vooral mannen, zo hemeltergend wreed kunnen zijn. Er zijn kennelijk groeperingen waar het laatste restje naastenliefde en erbarmen effectief is weggewerkt. Gaan deze mensen nooit bij zichzelf te rade? Hebben deze mensen geen verstand of laten ze alleen hun super wrede onderbuik de vrije loop. Ik geloof dat mijn laatste zin misschien een beetje over de top is. Wat gematigde woede al niet vermag!
4. Oud-hoogleraar Vrije Universiteit fraudeerde op grote schaal.
Eerst reactie van een zekere Johan Vrijheid:
Weer een ultra-links bastion waar de leugen regeert, de maakbare samenleving in wetenschappelijke hapklare brokken u geserveerd door linkse leugenaars die in hoog aanzien stonden en door de mand vallen als er echt naar gekeken wordt. We hadden Diederik Stapel al van Links Tilburg samen werkend met Roosje van de Ultralinks Nijmegen. Het hoger/universitair onderwijs in de Alpha wetenschappen is een leugen opzich dat allerlei therapeuten en psychologen gajus uitbraakt dat van zelfingenomen fantasie bijeen hangt. Stoppen met subsidiering AUB!
Hieronder mijn reactie op Johan Vrijheid:
@208 Uw reactie wordt ook wel een ongenuanceerde reactie genoemd. Mij bekruipt het vermoeden dat u waarschijnlijk alle universiteiten in Nederland als ultra-linkse bastions zult beschouwen, behalve misschien de Leidsche universiteit. De politiek van ons goede vaderland opdelen in links en rechts is een gepasseerd station lijkt mij. Is het niet moderner om meteen ter zake te komen en te spreken van fatsoenlijk en niet-fatsoenlijk. Fatsoenlijk lijkt mij dan de levenshouding die is gebaseerd op naastenliefde en sociale betrokkenheid en onfatsoenlijk lijkt mij dan de maatschappijvisie die gegrond is op wantrouwen, cynisme, liefdeloosheid en geestelijk en materieel egoïsme.
Wetenschap behoort waardenvrij te zijn. Integere wetenschappers zijn diep doordongen van deze waardenvrij-heid. Maar zoals overal in de samenleving zijn er mensen die zwichten voor macht, de verslaafdheid aan sociaal aanzien en “last but not least” gewoon voor het geld. Het zijn sterke schouders die de weelde kunnen dragen. Vaak worden wij gedreven door motieven die zetelen in het onderbewustzijn en die wij zelf dus niet eens goed kennen.
Misschien bent u het wel met mij eens als ik zeg dat redelijkheid de grondslag dient te zijn van elke discussie.”
Dus als ik een vrij momentje heb surf ik op Nu-jij en vermaak ik me met taal en met antwoorden. Het heeft eigenlijk niets om het lijf, maar het houdt je van de straat.
Opgeslagen onder Uncategorized
De soep die over de kip vloog.
Samen fietsen we op deze warme zaterdagmiddag over de dijk naar Monnickendam. Er staat bijna geen wind. Zij is luchtig gekleed in korte broek met tanktopje. Ik zie de groene verten en het donkere dreigende water en denk er het mijne van. Zij heeft last van smetvrees. Een lastige aandoening die je leven goed kan verpesten. Op de fiets, nu, heeft ze er geen last van. Hoop ik. In Monnickendam gaan we op het kleine terras voor cafe De Zwaan zitten. Wij zijn hongerig geworden en bestellen soep. Rond ons tafeltje scharrelen een paar sierkipjes. Vreemd, zeg ik, dat is toch gevaarlijk. Het is hier immers behoorlijk druk met verkeer en zo. Ze zullen er wel aan gewend zijn, antwoord mijn vriendin. De ober komt met de soep. En een paar stukjes bruin brood in een pitrieten mandje. Hongerig doop ik een stuk brood in de tomatensoep, maar ik heb het met soep geïmpregneerde stukje brood nog niet in mijn mond gedaan of ik bemerk meteen dat de soep veel te heet is. Om te voorkomen dat ik mijn mond ernstig brand spuug ik de soep meteen uit en maak daarbij, kennelijk, een nogal barbaars geluid. Het doorweekte stuk brood vliegt samen met een nevel van tomaten soep links over het tafeltje en over de twee sierkipjes die nog net niet onder ons tafeltje, een beetje lusteloos bezig zijn . De geschrokken beesten, waarvan er een spierwit is, fladderen met veel misbaar op. Het witte exemplaar heeft felrode spatten van de uitgespuugde tomatensoep op zijn veren gekregen. Mijn vriendin heeft ook twee hele kleine spatjes op haar rechterhand. Zij staat op, pakt haar fiets en fietst weg. Mij verbouwereerd achterlatend. Ondanks mijn kordate optreden heb ik toch nog lelijk mijn mond verbrand. Ik blijf verslagen achter en weet dat het nooit meer goed zal komen.
Opgeslagen onder Uncategorized
Meneer Cialdini heeft precies door hoe het moet! Het economische model van de ondergang.
Onlangs zag ik in het TV-programma “Tegenlicht” een analyse over de euro, over zijn invloed en over de voordelen en de de nadelen van die vermaledijde munteenheid. Ik vond het een helder betoog en het bevestigde eigenlijk wat ik in veel van mijn blogs al zo lang roeptoeter, namelijk dat de mondiale economische elite er belang bij heeft om een perfide en onrechtvaardig economisch systeem in stand te houden ter bestendiging van haar macht, rijkdom en sociale status. Het heeft volgens mij geen zin om in te gaan op de economische en monetaire truucjes waarvan men zich bedient om voornoemd proces in stand te houden of te bevorderen. Als u dat tot toch in detail wilt weten moet u maar een boek lezen wat over die truucjes gaat. Er zijn dienaangaande duizenden managementboeken. Maar laat ik maar zeggen dat de economische trukendoos van die economische elite er o.m. op gericht is om met het belastinggeld, dat wij aan Griekenland geven, de rente en de aflossingen te betalen die dat arme land schuldig is aan alle grote mondiale westerse geldschieters dewelken er destijds met hun uitgeleende geld voor zorgden dat Griekenland jarenlang ver boven zijn stand kon leven. Net als wij dus, maar dan veel erger!
De mondiale economische elite in de vorm van de grote multinationals en de grote financiele instellingen zoals banken, verzekeringsmaatschappijen etc. zorgen er dus wel voor dat ze niets te kort komen.
En u wordt gehersenspoeld en bedrogen waar u bij staat en u heeft het niet eens in de gaten. U wordt wijs gemaakt dat het niet anders kan. Het is net als met de drugsverslaving. Eerst wordt ervoor gezorgd dat mensen verslaafd raken en vervolgens is het niet moeilijk om te zorgen dat mensen ook verslaafd blijven.
De neoliberale elite gaat daabij geraffineerd te werk. Zij stelt alles in het werk om een gedepolitiseerde, dus volstrekt niet kritische, hedonistische, conformistische en materialistische consument te creëren. Dat doet die economische elite o.m. door het gebruikmaking van perverse, geraffineerde marketingtruucjes. Luister daarom maar eens goed naar meneer Cialdini. Het lijkt allemaal zo onschuldig, maar deze hele dynamiek van bedrog en hebzucht zou uiteindelijk wel eens de ondergang kunnen betekenen van wat wij zo trots “onze westerse beschaving” zijn gaan noemen.
Opgeslagen onder Uncategorized
Ergernis. Misschien zijn veel mensen niet eerlijk over hun geluksbeleving!
Al die vragen die maar door je hoofd blijven spoken. En dan al die ergernissen!!! Nee, wacht even! “Ergernissen” is in mijn geval eigenlijk helemaal niet het goede woord. Het is meer “verwondering”. Iets heel anders dus dan “ergernis”. Het komt doordat ik, met het stijgen der jaren, jammer genoeg, steeds minder in staat ben om die goeie oude vertrouwde machteloze ergernis op te brengen. Wel kan ik me opwinden, natuurlijk. Ik kan kwaad worden over vermeend onrecht en over allerhande futiliteiten. Mijn betrokkenheid bij het wel en wee van deze aarde en bij de mensen die op deze planeet voortploeteren bezorgt mij geregeld geagiteerde gemoedstoestanden. Maar ik heb tot mijn verbazing bemerkt dat dit soort opwinding me de laatste tijd, diep van binnen, juist een aangename sensatie van potentiële creativiteit bezorgt en al helemaal geen ergernis. Deze eigenaardige sensatie spruit voornamelijk voort uit bezorgdheid en wordt bij mij kennelijk, min of meer onbewust, gekanaliseerd in de vorm van fundamentele kritiek. Kritiek op toestanden dus die de gezondheid van moeder aarde bedreigen en het “lijden” van de mens niet verminderen maar juist vergroten. Kritiek die, gezien zijn aard, natuurlijk niet anders kan zijn dan het begin van het denken over een andersoortige mens. Een beter aangepaste mens. Een pretentieuze klus. Maar het is niet anders.
Zo heb ik eindelijk, doordat ik vrijgesteld ben van inkomensvormende arbeid, de tijd gekregen om me uitgebreid over het denken en doen van mijn medemensen te verwonderen en me er dus niet meer aan te ergeren. Mijn, vooral jongere, medemensen die voortdurend kopje onder gaan in oceanen van plichten, keihard werken en losbandige feesten. Godzijdank sta ik, door eerdergenoemde volstrekt legitieme vrijstelling m.b.t. het verrichten van inkomensvormende arbeid, als onrendabele, gepensioneerde niksnut, al een hele tijd naast de samenleving in plaats van er midden in. Naast wat die neoliberale jongens onder elkaar het “echte” leven pleegt te noemen (ik zie mijn eigen positie uiteraard heel anders, maar wie ben ik?) en (gelukkig) naast dat jachtige en vermeende belangrijke leven van ploeteren, plannen en piekeren. Door mijn geisoleerde positie heb ik goed zicht op het reilen en zeilen van mijn medemensen. En als de werkelijkheid mij niet bedriegt dan bespeur ik in de harten en geesten van veel van die arme, voortkrabbelende stumpers behoorlijk wat ergernis. Echte ergernis dus. Ergernis zoals deze vroeger ook mijn deel werd. Maar wat is “ergernis” nou eigenlijk? Volgens de dikke van Dale betekent “ergeren” : “aanstoot geven, tot ontstemming of verontwaardiging prikkelen, met weerzin vervullen”.
Er zijn dus kennelijk tal van gebeurtenissen, personen of onderwerpen die de gemiddelde Nederlander tot ontstemming prikkelen en met weerzin vervullen. Het kan volgens mij bijna niet anders dan dat deze gegeneraliseerde “ergernis” de algemene geluksbeleving van al die super moderne en snelle mensen best wel behoorlijk dempt. Maar wat blijkt! Uit allerlei sociaal-psychologische onderzoeken komt naar voren dat de gemiddelde Nederlander uitzonderlijk tevreden is over zichzelf en dat die zelfgenoegzame tevredenheid hem een grote mate van geluk blijkt te schenken. Hij geeft zichzelf een hele dikke voldoende. Hij heeft zijn leven goed voor elkaar en alles verloopt voorspoedig, zelfs zo voorspoedig dat hij blijkbaar tot bijna de gelukkigste mens van de wereld gerekend mag worden. Maar waarom dan toch steeds weer die ontstemming en weerzin? Wel, die ontstemming en weerzin blijken voort te komen uit alles wat niet tot de directe leefwereld van de gelukkige gerekend kan worden, te weten de meeste van zijn medemensen, maar dan uiteraard wel met uitzondering van zijn naaste familie, want hoe zou iemand, die zo uitzonderlijk begaafd, bekwaam en gelukkig is, directe bloedbanden kunnen hebben met personen die volgens hem helemaal niet gelukkig zijn, met personen die juist ontstemming en weerzin opproepen. Nee, ook de ouders, de partner en de eventuele kinderen van onze gelukkige zijn net zo bekwaam, begaafd en gelukkig als de gebenedijde gelukkige zelf. In ieder geval veel bekwamer, begaafder en gelukkiger dan de buren, die…………!!!!!!!!! Geluk dus gehanteerd als statussymbool in een emotioneel dolgedraaide wereld. Geluk als uithangbord naar de buitenwereld. Kijk mij eens goed bezig zijn en gelukkig zijn. Natuurlijk bestaat die rare gemiddelde Nederlander helemaal niet. Als een Nederlander, officieel en in het kader van een sociologisch onderzoek, naar zijn geluksbevinding wordt gevraagd, dan vult hij de desbetreffende vragenformulieren op een voor hem zo gunstig mogelijke wijze in. Hij vermijdt zijn ellende en benadrukt de leuke dingen. Net zoals dat eigenlijk op dat gekke Facebook of op Twitter gebeurt. In een samenleving waar iedereen naar iedereen kijkt, waar glamour en glitter de boventoon voert en waar je hebt afgedaan als je ouder dan vijftig bent, is het niet verwonderlijk dat ook het persoonlijke geluk een statussymbool is geworden, dat geluk iets is geworden dat opzichtig naar buiten uitgedragen moet worden. In zo’n ambiance is het stilzwijgende de bedoeling dat het geluk van de ander minder moet lijken dan het eigen geluk is en in het verlengde van dit, door mij gepostuleerde, sociaal- psychologische fenomeen wordt ergernis en weerzin met betrekking tot het denken en handelen van de ander, de loser, als snel geboren.
Deze hele dynamiek vloeit mijns inziens indirect voort uit het moeten leven binnen een economisch systeem waar de ander wordt beschouwd als een bedreigende concurrent op een schaarse markt van begerenswaardige goederen, in plaats van als een medemens waar je op een nevenschikkende liefdevolle wijze, ook economisch, mee dient te verkeren.
Kijk, hierboven vlieg ik dus weer uit de bocht met mijn grote bek. Wie ben ik om te beweren dat mensen, die van zichzelf zeggen dat zij gelukkig zijn, eigenlijk helemaal niet zo gelukkig zijn? Wat een verduvelde arrogantie! Het zijn allemaal stelligheden. En er zijn in deze helemaal geen stelligheden. Ik ventileer slechts mijn mening, mijn perceptie. Ik onderbouw die mening wel. Dat dan weer wel, natuurlijk. Maar het is en blijft maar een mening en het heeft helemaal niets met wetenschap te maken.
Wat constateer ik dus? Ik constateer dat veel mensen, net als ik, maar een beetje uit hun nek lullen en vervolgens proberen dat gelul als waarheid en keiharde feiten te verkopen. Maar, nu ik er zo wat over nadenk, is een mening/uitspraak eigenlijk ook wel een beetje een feit. Nou ja, een feit? Meer een feitelijkheid. Een mening is meer een fenomeen. Okay, laat ik dan maar concluderen dat wetenschappelijk gezien een mening door feiten geschraagd dient te worden en dat is dan weer wel een feit.
Overigens, Einstein verkondigde met zijn specifieke en algemene relativiteitstheorie ook een hele tijd alleen maar een mening. Tot het moment dat zijn stellingen empirisch werden bewezen. Toen werden het theoriëen. Maar ook niets meer (en ook niets minder) dan dat. Meneer Popper blijft altijd over onze schouders meekijken.
Nb. Men kan zich in goede gemoede afvragen of menswetenschappen wel het predikaat wetenschap mogen dragen. Ik zelf voel me wat dat betreft meer thuis bij de “harde” wetenschap van de natuurkunde en de wiskunde, alhoewel ik me best realiseer dat ook binnen deze wetenschapsgebieden ongrijpbare zaken zoals verbeelding, creativiteit en fantasie onontbeerlijk zijn om tot zinnige theoriëen te komen. En zelfs die “harde” natuurkunde blijkt de laatste 75 jaar in toenemende mate op drijfzand (kwantummechanica) gebouwd.
Opgeslagen onder Uncategorized
Meneer Ali Haidar maakt het wel erg bont. Met meteen maar een overpeinzing over menselijke hoogmoed.
Meneer Ali Haidar maakt het wel erg bont. Hij personifieert in mijn ogen de ultieme hypocrisie. Meneer Ali zou zich diep moeten schamen. In Syrië ontrolt zich een drama dat de wereld al zo vaak heeft mogen aanschouwen, namelijk, grote groepen mensen, met elk uiterst onsympathieke en wrede overtuigingen, die elkaar op leven en dood bestrijden. In Nederland gebeurde zo’n 400 a 450 jaar geleden ongeveer hetzelfde. Onsympathieke, wrede, akelige, religieuze scherpslijpers die elkaar in een tachtig jarige wrede rot oorlog het leven verzuurden. Hoe fanatieker men is, hoe wreder en bloeddorstiger het gedrag naar andersdenkenden. En dan maakt het eigenlijk niet uit of men een totaal krankzinnig religieus doel nastreeft of een waanzinnige seculiere utopie. Uiteindelijk wordt de “andersdenkende” totaal ontmenselijkt en nog slechts gezien als een lastig en aanstootgevend voorwerp dat zo snel mogelijk moet worden verwijderd. Daarvan hebben we in de Tweede Wereldoorlog een staaltje mogen meemaken.
Het beroerde is dat maar weinig mensen tot werkelijke relativering t.a.v. hun eigen persoon in staat zijn. Men weet in zijn extremistische, vaak religieuze drift haarfijn te vertellen wat er niet deugt aan de ander, maar men is volstrekt niet in staat om het eigen gedrag op een kritische wijze onder de loup te nemen. Afijn, dat verschijnsel (gebrek aan rationele kritiek op eigen denken en handelen) zien we in onze samenleving ook steeds meer in de vorm van het klagen over eigen materiele deprivatie, het dwangmatige consumeren, het roepen om een sterke man die overigens dan wel onmiddellijk exact moet doen wat die woedende onsympathieke burger van hem vraagt en verder zien we zo’n beetje alles wat een, door de welvaartsstaat tot op het bot verwende, calculerende burger nog meer kan verzinnen om anderen de schuld te geven van zijn eigen onvrede. Een voortwoekerende onvrede die voortdurend gevoed wordt door het vermeende gebrek aan respect van anderen, door het feit dat anderen (“De Grote Boze Buitenwereld”) de verongelijkte burger voortdurend te kort doen en door het bizarre fenomeen dat men, op geleide van een uiterst vervelende, maar tegenwoordig o zo hippe, onbescheidenheid, de kwaliteit en de kwantiteit van zijn eigen talent vaak veel hoger inschat dan deze in werkelijkheid blijkt te zijn (m.a.w. men waant zijn eigen grijze mus een valk te zijn). Dit laatste vooral door een kritiekloze opvoeding van ouders die menen dat zij een genie op de wereld hebben gezet.
De kern van maatschappelijke conflicten is gelegen in een liefdeloze steeds harder wordende houding naar de medemens door eigenwaan en ongebreideld egoïsme. Een sociale dynamiek, die sinds de ontzuiling en na de enthousiaste omarming van het ethisch volstrekt perverse neoliberalisme door de economische elite, alleen maar sterker wordt. De burger moet er, mijns inziens, niet voortdurend zo op gebrand zijn de ander de maat te nemen, nee, de burger zou allereerst zijn eigen denken en doen maar eens moeten toetsen aan algemeen geldende ethische criteria. Misschien dat diezelfde burger dan tot een kwalitatief beter inzicht komt met betrekking tot zijn eigen handelen en mogelijk daardoor bereid is om een toontje lager te gaan zingen. Overigens, over die algemeen geldende ethische criteria kom ik natuurlijk nog uitgebreid te spreken, want daar zit hem nou juist de kneep!! Maar daarover dus later.
Nb. 1. Zo er iemand mocht reageren dan aub niet in de vorm van allerlei jij-bakken, want dat ken ik zo langzamerhand wel. Het gaat om de inhoud. En om niets anders dan de inhoud.
Nb. 2. Ik bedenk me net dat het gestelde onder Nb. 1. wel heel erg raar en onredelijk is. Ik schrijf een schofferend vervelend stukkie en dan zou het alleen maar over de inhoud mogen gaan. Nee, hier ben ik totaal op de verkeerde weg. Ik lijk wel niet goed wijs!
Opgeslagen onder Uncategorized









